FR | NL  | EN   
 
 
> recherche
 
 
Agenda / Tentoonstellingen 

nu  |  in de toekomst  |  vroeger   

 
  
Congo - Stedelijke landschappen, anders bekeken
11.10  >  25.11.2007
 

CIVA buiten de muren/ Architectuurruimte La Cambre


Tentoonstelling ontworpen en geproduceerd door het Internationaal Centrum voor de Stad, de Architectuur en het Landschap (CIVA) in samenwerking met La Cambre Architectuureorganiseerd door het CIVA
 

Het culturele project Yambi / Congo-Wallonie-Bruxelles 2007, een initiatief van de Franse Gemeenschap van België wil de artistieke creaties van Congo in de kijker zetten. Het CIVA organiseert in dit kader een nieuwe tentoonstelling over stedelijke landschappen in Congo. Het thema wordt belicht vanuit verschillende oogpunten - gekruiste blikken - die historisch én hedendaags zijn. 11 jonge Congolese en 3 Belgische kunstenaars werkten mee aan dit project.


Een gedeeld erfgoed ?

In februari 2005 werd het ruiterstandbeeld van Leopold II in het centrum van de Congolese hoofdstad geplaatst. Vierentwintig uur later werd het opnieuw verwijderd. Deze anekdote vertelt veel over de dubbelzinnigheid van de relatie tussen België en zijn kolonie, en over het koloniale erfgoed en de beeldvorming erover. Kan men spreken over een " gedeeld erfgoed " zoals men vandaag vaak suggereert tijdens debatten die internationale organismen, zoals het ICOMOS (International Council on Monuments and Sites) organiseren? En welke herinnering roept dat erfgoed op? Hoe kan met het evalueren en naar waarde schatten? In de ogen van de Congolese bevolking, die een vreemde cultuur kreeg opgedrongen, is dat patrimonium ook verontrustend.

Deze vragen staan weliswaar los van de intrinsieke waarde van de koloniale architectuur en het urbanisme, die integraal deel uitmaken van de architectuurgeschiedenis van de XXe eeuw maar vormen wél een uitdaging voor de bescherming en de restauratie van dit erfgoed. Deze thema's lopen als een rode draad door deze tentoonstelling over de stedelijke landschappen in Congo.

Gekruiste blikken

De tentoonstelling krijgt vorm dankzij vele grafische en literaire getuigenissen (archiefdocumenten, foto's, plannen, maquettes,…), die honderd jaar stadsgeschiedenis in Congo bestrijken. De nadruk ligt op Kinshasa, Lubumbashi en Kisangani, drie belangrijke steden langs de Congorivier. Belgische en Congolese kunstenaars uit die drie steden bieden een persoonlijke hedendaagse visie op de stedelijke landschappen en wensen een dialoog op gang te brengen rond dit "gedeelde erfgoed" en de gemeenschappelijke geschiedenis. Zij doen dit aan de hand van foto's, schilderijen, strips….

Men staat hier ook stil bij het meer algemene vraagstuk rond de stedenbouwkunde in Afrika. Hoe staan de Congolezen tegenover hun koloniale patrimonium? De koloniale ingrepen structureerden hun steden en op dat stramien ent zich vandaag de hedendaagse stad.

Hoe ziet men dit patrimonium en de stadsontwerpen die een hele wereld en een levenswijze oproepen? Wat zijn vandaag, naast de koloniale machtssymbolen, de nieuwe stedelijke betekenisdragers in een maatschappij met steeds meer mensen en enorme uitdagingen?

In deze tentoonstelling krijgen architecten en urbanisten, die projecten in Congo op het getouw zetten, opnieuw een naam. Hun projecten zijn waardevol, maar noch het Belgische, noch het Congolese publiek kent hen werkelijk.

Vijf thema's komen aan bod in deze tentoonstelling:


1. In de tropen bouwen

Vele Europeanen stierven toen ze in Centraal Afrika aankwamen. Zij waren niet bestand tegen de klimatologische en sanitaire omstandigheden. Onderzoek werd dus verricht naar oplossingen om hen te doen wennen aan die nieuwe wereld.

In dit deel van de tentoonstelling krijgt u een zicht op de woningevolutie. Aan het einde van de XIXe eeuw moest de woonst een schuilplaats in de tropische omgeving zijn. Na de oorlog maakte het "tropisch modernisme" opgang. Dit genre integreerde technische vooruitgang zoals airconditioning en dynamisch onderzoek naar de beeldvorming over het "Nieuwe Congo". Een beeld dat door de koloniale propaganda werd geïdealiseerd.

2. De blanke woning, een " thuis "

De notie van geestelijk welzijn beïnvloedde al heel vlug de architectuur in Congo. Men wilde dat de Belg zich "thuis" voelde in de kolonie. Zo konden ze zich met een gerust gemoed aan hun werk wijden. Hij mocht zich niet ontworteld voelen. De residentiële architectuur in Congo imiteerde die uit het Belgische thuisland.

Rond 1920 kenden de Congolese steden een grote ontwikkeling. De Europese wijken zagen het licht. De komst van vrouwen en kinderen naar de kolonie drukte een stempel op de reflectie over de woonst. Het "tropisch modernisme" dat zich vanaf de jaren '40 opdrong, vond men vaak terug in bouwopdrachten voor woningen uit die tijd, maar toch minder dan in de openbare gebouwen.

In het begin van de jaren '50 kende Congo een grote economische bloei die zich vertaalde in een spectaculaire prijsverhoging in de immobiliënsector. De investeerders begonnen in de hoogte te bouwen. De eerste appartementsgebouwen verschenen en boden evenveel of meer comfort dan de woningen in België.

3. Samenleven, apart

Sinds de jaren '20 zag men een duidelijk verschil tussen het Europese deel en de inheemse stad in de stadsplannen, De indeling van de Congolese stad stoelde op het principe van zoneringen en kende goed onderscheiden wijken. De ene wijk lag ook ver verwijderd van de andere.

Deze scheiding vertaalde zich ook in de inrichting van woningen. Voor de Europese stad verrichtte men architectuuronderzoek. Maar de hoofdbekommernis voor de autochtone stad bleef de hygiëne en de economie en op de achtergrond de wens om de bevolking te controleren.

Na de tweede wereldoorlog kende de kolonie een woningcrisis. Vooral in de steden groeide de Congolese bevolking heel snel. De bouw van inheemse wijken werd vanaf dat moment een prioriteit van de autoriteit.

Aan de vooravond van de onafhankelijkheid, zouden de geleverde inspanningen onvoldoende lijken.

4. "Koloniseren is beschaven"

Of het nu een voorwendsel was of een ideologie, de koloniale ervaring in Belgisch Congo werd vooral beleefd als een "beschavingsmissie". Het is dus niet verwonderlijk dat de koloniale machthebbers zich snel met geneeskunde, onderwijs en cultuur gingen bezig houden.

Dankzij deze beschavingsmissie bestaat het belangrijk architecturaal erfgoed ook vandaag nog. Scholen, universiteiten, culturele ruimtes, ziekenhuizen en dispensaria werden voor een groot deel gebouwd in het kader van het Eerste Tienjarige Plan uit 1948 voor de Economische en Sociale Ontwikkeling van Belgisch Congo. Tot aan de vooravond van de onafhankelijkheid bleef de belangrijkste uitdaging van de kolonisator de "westerse cultuur" over te dragen. Maar toch ziet ook een nieuwe tendens het licht. Die zoekt toenadering tussen de culturen en brengt ook een nieuwe architecturale stijl in zwang.


5. Machtruimtes

Van bij het begin van de " Verdeling van Afrika ", de volkse uitdrukking voor de "Conferentie van Berlijn" in 1884-85, maakten de verschillende koloniale mogendheden gebruik van de architectuur om hun macht uit te dragen en te gronden.
Na de oprichting van de onafhankelijke staat Congo (l'Etat Indépendant du Congo EIC) in 1885 begreep Leopold II al snel dat de koloniale afdelingen in internationale of universele tentoonstellingen een middel waren om zijn koloniale werk onder de aandacht te brengen van een internationaal en Belgisch publiek.

In 1897 ontdekte dat publiek Congo in de "koloniale tentoonstelling" in Tervuren. Op de achtergrond klonk de "beschavingsboodschap". Die zou men ook later nog, tijdens de wereldtentoonstelling in '58 in Brussel horen. In 1910 opende het indrukwekkende Congomuseum in Tervuren zijn deuren. De architect Charles Girault ontwierp het voor Leopold II. Het werd een machtig propagandamiddel. Vandaag nog vormt dit museum het geheugen van het Belgische koloniale verleden.
De verschillende paviljoenen die tijdens deze universele tentoonstellingen werden gebouwd, zorgden ervoor dat de architecten een standpunt gingen innemen over het beeld dat ze konden uitdragen. De gebouwen en paviljoenen die tussen 1885 en 1958 werden ontworpen, drukten een stijlevolutie uit. De architectuur moest monumentaal zijn en het land Congo voor de geest roepen.

De kunstenaars: aanzet tot een dialoog

Blanchard Labakh Buana'h met de bijnaam Mega / Basikababa Alphonse met de bijnaam Papy / Lobela Babelu Dody met de bijnaam LBD /Soku Liandja Henri met de bijnaam Soku / Kura Shomali / Trésor Tshibangu Tshamal met de bijnaam Tétshim / Kiat Wandand / Maître Ekunde / Kaouma / Patrick Mudekereza

Axel Caitleux / Jean Kristine / Marie-Françoise Plissart

De meeste hier tentoongestelde werken werden in opdracht van het CIVA en speciaal voor deze tentoonstelling gemaakt. Zij werden met grote zorg op verschillende plaatsen in het parcours geplaatst. Zij willen een dialoog op gang brengen tussen de twee gemeenschappen en brengen bespiegelingen rond het "gedeeld erfgoed".

De meeste Congolese en Belgische kunstenaars behoren tot de postkoloniale generatie. De meesten werden eind jaren 70 geboren. Zij bieden ons een bijzonder hedendaagse en persoonlijke blik op het dagelijkse leven in de drie steden. Zij gebruikten verschillende technieken: Blanchard Labakh is een fotograaf en maakte voor de tentoonstelling een reportage rond industriële landschappen in Kinshasa. Anderen leveren strips, zoals Lobela Babelu Dody of Tétshim die zoals de regisseur Patrick Mudekereza deel uitmaken van een collectief kunstenaars uit Lubumbashi, de Vicanos Club. Mudekereza leidt er ook stripseminaries. Anderen tekenen, maken collages, schilderen en beeldhouwen zoals Soku, Maître Ekunde en Kura Shomali. De laatste heeft een intens kunstenaarsparcours in Congo en stelde tentoon in Beglië, in de KVS, en in Frankrijk.

Met de steun van
Yambi Congo - Wallonie Bruxelles 2007 / La Communauté française de Belgique- De Franse Gemeenschap van België / De Franse Gemeenschapscommissie La Commission Communautaire française / Le Commissariat général aux relations internationales (CGRI) / La Région de Bruxelles - Capitale - Brussels Hoofdstedelijk Gewest/ Het college van Burgemeester en Schepenen van Elsene -Le Collège des Bourgmestre et Échevins d'Ixelles / Universiteit Gent -de Vlaamse Gemeenschap

Met de hulp van
Georges Forrest / Arter / La Loterie Nationale- de Nationale Loterij /Sigma Coatings / Invicta / Duvel /mediacongo.net

 

Download de uitnodiging (pdf)
Download het persdossier (pdf)
Download het persdossier, foto's en legende (zip)
sponsoringdossier (pdf)