FR | NL  | EN   
 
 
> recherche
 
 
Agenda / Tentoonstellingen 

nu  |  in de toekomst  |  vroeger   

 
  
Wenen - Brussel. Architectuur & decoratie
26.06  >  23.12.2007
 

De Loge


Georganiseerd door het Museum voor Architectuur

Op het einde van de 19de eeuw zijn de culturele en artistieke uitwisselingen bijzonder intens en vruchtbaar tussen Brussel, Wenen, Parijs, Londen en Berlijn. In 1897 bezoekt de Oostenrijkse architect Otto Wagner, een van de stichters van de Weense Secession, Brussel en ontdekt er de Belgische Art Nouveau, en in het bijzonder de geometrische stijl van Paul Hankar die zelf beïnvloed was door de Japanse kunst.

Tijdens de kunstnijverheidstentoonstelling van 1902 in Turijn bezoekt Léon Sneyers, leerling van Hankar, de Weense afdeling. Voor deze jonge architect is dit geen gewone ontdekking, maar een ware revelatie, en besluit hij prompt om zich uitsluitend toe te leggen op de verspreiding van de Secession-stijl. Sneyers opent al vlug de winkel "L'intérieur" in de Naamsestraat, en verkoopt er uit Wenen geïmporteerde voorwerpen, stoffen en meubelen. Zelf creëert hij decoratieve patronen, affiches en reclames geïnspireerd op de creaties van de Secession.

De bouw van het palais Stoclet, van 1905 tot 1911, geeft een beslissende impuls aan Sneyers' bekeringsijver. De villa is het werk van de Oostenrijkse architect Josef Hoffmann (1870-1956) en een opdracht van Adolphe Stoclet, een Belgische ingenieur die in Wenen verbleef tijdens de bouw van de spoorlijn Wenen-Aspan. Het huis werd gebouwd door de Wiener Werkstätte, het atelier van sierkunstenaars opgericht door Hoffmann en Koloman Moser, dat meubelen, decoratieve voorwerpen en smeedwerk vervaardigde in een geometrische en lineaire stijl. Gustav Klimt schilderde de fresco's in de eetkamer.

Een jonge Franse architect, Robert Mallet-Stevens, neef van Adolphe Stoclet, werd sterk beïnvloed door dit huis en schrijft artikels in Belgische tijdschriften van die tijd (Le Cottage, Tekné). Later geeft Mallet-Stevens Une Cité Moderne uit, een collectie van ontwerpen die rechtstreeks geïnspireerd zijn op het het Stoclet huis.

De tentoonstelling onderzoekt de doorslaggevende invloed van de Weense Kunst op de generatie van jonge Brusselse architecten aan het begin van de 20ste eeuw rondom de tegenwoordig onterecht vergeten Léon Sneyers, en ook andere architecten wier werk volledig of deels schatplichtig is aan deze revelatie: Henry Van de Velde, Paul Hamesse, Jean-Baptiste Dewin, Emile Van Averbeke, Renaat Braem, Louis Herman De Koninck en zijn echtgenote, Fernand Khnopff, Edouard Pelseneer, Maxime Brunfaut, Raymond Moenaert, …

 

Persdossier (PDF)